“Bruun de Beer zat in zijn hoekje en hij keek mij stralend aan…” schreef mijn vader in 1967 in mijn poesiealbum. Inmiddels zou ik de blik van Bruun niet meer ‘stralend’ noemen maar hij kijkt als hoogbejaarde beer zeker nog goed uit z’n berenogen. Jarenlang keek ik uit op dozen en kratten, en als ik.. Lees verder
Een paar jaar terug was een terroristische aanslag al een hele schrik, als je die – vlak voordat je preek af was – nog moest incasseren en verwerken; naarstig op zoek naar iets om te zeggen. Iets van hoop en iets van de-mensen-niet-met-lege-handen-weg-laten-gaan; iets van Jezus of iets van God. Zonder goedkoop of zalvend of.. Lees verder
Als jong kind al had ik een hekel aan de vastentijd. Geen snoep, kaal belegde boterhammen, sombere kleuren in de kerk, en dat alles in een jaargetijde van kou en maartse buien. Deze periode van onthouding liep uit op de Goede Week die zo mogelijk nog soberder was als de tijd ervoor met als dieptepunt.. Lees verder