14 januari 2017

96% van de mensen zit fout. Hoor jij bij de andere 4%?

Geschreven door Maarten van der Bijl

Hoe Maarten een puzzel oplost zal je versteld doen staan!

Met enige regelmaat zie ik op Facebook deze puzzel of een variant hiervan:

 

 

 

 

 

 

 

 

Bij zo’n opgave staat altijd vooraf zoiets als: zoveel procent gaat dit fout hebben. Meestal iets boven de negentig procent. Eronder een lijst reacties, die doet denken aan de notulen van een impulsieve bingoavond. Er is op bovenstaande puzzel meer dan een miljoen keer gereageerd.

Niet te doen

De gegeven antwoorden zijn zeer verschillend. Het aantal foute antwoorden komt wonderwel overeen met de inschatting van de vraagsteller. Dit is verbazingwekkend als je bedenkt dat enkel 13-plussers een Facebookaccount mogen hebben, en de overgrote meerderheid van 13-plussers met toegang tot internet enig onderwijs heeft genoten. Wat misschien is weggezakt, dacht ik, is de afspraak dat vermenigvuldigen vóór optellen gebeurt. Dus: éérst paard keer de drol, en dan pas de bom er bij optellen. Maar zelfs als we die regel zouden schrappen zitten we nog op 90% fout…

De grote vraag is: wat is hier aan de hand? Is de puzzel dan écht moeilijk? Ik kan dat bijna niet geloven, en ik ben niet de enige. Een paar keer in de lijst reacties krijgt iemand het te kwaad. Ik vermoed een wiskundeleraar. En die neemt dan de moeite om álles uit te leggen. Ik heb dat ook gedaan voor deze column, om u de reacties daarop te kunnen vertellen.

Maar wat heeft dit met Wilders te maken?

De reacties op mijn verklarende afbeelding spreken tot de verbeelding. Een paar duimpjes: positieve reacties. De rest is grofweg in te delen in de categorieën: ‘tòch is het 31 of 36’, ‘geef mijn portie maar aan fikkie, professor’ en ‘dat is jouw mening’.

Ik werd hier wat onrustig van, met name van de laatste. Hoe kun je van iets in de categorie 1+1=2 zeggen ‘dat is jouw mening, ik persoonlijk denk er anders over’?

Om dit te begrijpen, moet je besluiten dat waarheden niet per definitie méér waar zijn dan meningen. Dat het een feit is dat dit onjuist is, maakt dan ook niet meer uit. Een feit is ook maar een mening, dat soort onzin.

Wie vrijheid van meningsuiting serieus neemt, moet voorzichtig zijn met waarheden/feiten.

Vroeger sloten feiten heel vaak bepaalde meningen uit. Mensen moesten bij het verschijnen van nieuwe feiten soms hun mening bijstellen, want de feiten liegen niet, of anders noemden we ze domme mensen of bijgelovig. Deze manier van aan ideeën komen heette gezond verstand, en het systematisch bedrijven ervan wetenschap. Gefundeerde ideeën wonnen het van de ongefundeerde.

Maar in een maatschappij van ultieme gelijkheid hebben we niet zoveel op met bewezen ongelijk. Het niet serieus nemen van mensen met een ongefundeerde mening is respectloos en verdacht. Iemand die overtuigd is van zijn éigen waarheid, mag die verkondigen, ook al is er bewijs dat het in feite een onwaarheid betreft.

De meeste onbegrijpelijke actualiteit heeft hier mee te maken. Of het nu gaat over Trump, Wilders, de invloed van nepnieuws, inenten, speltbrood, klimaatverandering, het slecht zijn van koemelk of de Brexit.

Alice in Wonderland

Het komt door onze meanderende democratie, zegt Plato een paar honderd jaar vóór Chr. Hij heeft ’s uitgelegd dat een democratie per definitie iets tijdelijks is, bedoel ik. In het kort gaat het dan om een proces van toenemende gelijkheid. Er was dan bijvoorbeeld een maatschappij waarin mannen meer te zeggen hadden dan vrouwen, hetero’s meer dan homo’s, witten meer dan zwarten, geleerden meer dan eenvoudig volk. In de democratie wordt dat opgelost. Die ontwikkeling gaat verder: kinderen krijgen dezelfde rechten als volwassenen, dieren als mensen, vreemden als eigen volk. Op een zeker moment, zegt Plato, is er nog maar één ongelijke zondebok over: de elite, die meer geld en macht heeft dan de rest van het volk. Uit die elite komt iemand voort, die zich ertegen keert, en de stem wordt van het volk. Hij verraadt zijn klasse, en vindt onmiddellijk gehoor bij het volk. Hij zal zeggen dat teveel vrijheid alleen maar tot ellende heeft geleid, en zichzelf aanbieden als het antwoord op de internationale conflicten en de democratische puinhoop, een welkome duidelijkheid in de warboel van de veelheid aan keuzes die de mensen hebben. De mensen gebruiken hun democratische macht om hem op de troon te krijgen en daarmee tevens de democratie op te heffen.

1933

Het was voor mij een eyeopener hoe deze filosoof dit 2500 jaar geleden als een beweging kon duiden. Het lijkt daarmee meteen onafwendbaar, deze malle cyclus. Daar zou je cynisch van worden. Alles wijst er in mijn ogen op, dat we aan het eind van zo’n cyclus zitten. Van de wereldpolitiek tot de puzzeltjes thuis.

2016 is het 1933 van mijn generatie‘, schreef Rutger Bregman van De Correspondent ook. Hij ziet nog kansen dit af te wenden:

“Stel jezelf de vraag: als historici over dertig, veertig jaar terugkijken op onze tijd, hoe willen we dan herinnerd worden? Als apathische hipsters die zichzelf in slaap susten terwijl de planeet gefrituurd werd, de Europese Unie uiteenviel en het fascisme de kop opstak? Of als generatie die in verzet kwam, nieuwe dromen formuleerde en het onrealistische onvermijdelijk maakte? In het laatste geval: laten we nu het verschil maken. Er is geen tijd te verliezen.”

Maar goed, dat is zíjn mening.

Gerelateerd